|
|


|
|
|
© Oost—Nederlands Symfonieorkest |


|
Homepage |
|
Over ons |
|
Dirigent/concertmeester |
|
Concertagenda |
|
Lid worden |
|
Voor Koren |
|
Bestuur |
|
Contact |
|
Orkestleden |
|
Repertoire |
|
Links |
|
Concertagenda |
|
|
Oost-Nederlands Symfonieorkest (vh Twents Kamerorkest) |
|
|
|
|
|
A. Dvořák met Steven Bourne (Cello) |
Prijs: € 22,50 / jeugd € 10,00 |
|
|
Leeuwenbrug 2 |
|
|
7411 TJ Deventer |
|
Aanvang: 20:00 uur |
Kaartverkoop: Deventer Schouwburg |
|
|
|
|
A. Dvořák met Steven Bourne (Cello) |
Prijs: € 17,50 / jeugd € 10,00 |
|
|
Noorderhagen 27 |
|
|
Enschede |
|
Aanvang: 15:00 uur |
Kaartverkoop: Muziekkwartier |
|
|
|
|
Omschrijving: |
|
|
Programma: A. Liadov - 8 Volksliederen A. Dvořák - Cello concert, opus 104, b-klein P.I. Tsjaikovski - Symphonie nr 1, g-klein, op. 13 "Winterdromen"
Solist: Steven Bourne (cello)
Dirigent: Jeppe Moulijn |
|
|
Toelichting: Een concert vol Slavische romantiek met als hoogtepunt Dvořák’s prachtige celloconcert, vertolkt door niemand minder dan Steven Bourne.
CV Steven Bourne Steven Bourne (1988) begon op zevenjarige leeftijd met cello bij Frank van den Berg op de muziekschool van ‘s-Hertogenbosch. Een aantal jaar later vervolgde hij zijn studie aan het Conservatorium van Amsterdam, waar hij les kreeg van Monique Bartels en vervolgens van Dmitri Ferschtman. In 2010 studeerde hij hier cum laude af voor zijn bachelor en momenteel vervolgt hij zijn ‘Master’ bij Floris Mijnders. Steven won verscheidene prijzen op o.a. het Prinses Christina Concours en het SJMN Concours. Namens het Prinses Christina concours maakte hij in de zomer van 2005 een tournee naar Californië.
In 2008 werd hij verkozen tot ‘Jonge musicus van het jaar’, waarmee hij Nederland mocht vertegenwoordigen op het ‘Eurovision Young Musician of the Year 2008’ te Wenen. Daar bemachtigde hij een van de felbegeerde Finale plaatsen, wat een solistisch optreden met het Wiener Symphoniker o.l.v. Aleksandar Markovic inhield. Steven won in 2008 eveneens de ‘Kirill Kondrashin’ Derde Prijs op het prestigieuze ‘Nationaal Cello Concours’. Daarnaast soleerde hij met o.a. het Brabants Orkest o.l.v. Arjan Tien, NJSO o.l.v. Johannes Leertouwer, Musica Ducis o.l.v. Alexandru Lascae, het Aurelia Saxofoon kwartet, Rotterdams Kamer Orkest o.l.v. Conrad van Alphen, het KMKJWF o.l.v. Arnold Span op het ‘Bevrijdings Concert aan de Amstel’ en met het Symfonia Jong Twente o.l.v. Alexander Geluk waarmee hij ook op tournee is gegaan naar Polen.
Masterclasses heeft hij gehad van o.a. Enrico Bronzi, Gary Hoffman, Johannes Goritzky, Anner Bijlsma, Jean-Guihen Queyras, Quirine Viersen, Richard Aaron, Dmitri Ferschtman, Pieter Wispelwey, Nathaniel Rosen, Valter Despalj, Vladimir Perlin, Michel Strauss en Colin Carr.
Steven bespeelt momenteel een ‘J.B.Vuillaume’ cello uit ca.1819 en een ‘E. Sartory’ strijkstok, welke hij in bruikleen heeft gekregen van het Conservatorium van Amsterdam. Daarnaast beschikt hij over een Cello die met dank aan ‘Stichting Eigen Muziekinstrumenten’ speciaal voor hem gebouwd is door Saskia Schouten. Zijn strijkstok is hem ter beschikking gesteld door het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds.
Toelichting programma: Dvorak schreef dit celloconcert in New York toen hij directeur van het Nationaal Conservatorium aldaar was, op verzoek van zijn landgenoot, de cellist Wihan. Het lange eerste deel- geschreven in sonatevorm- opent met een introductie van het orkest die thema’s aansnijdt die later door de cello worden overgenomen. Het lyrische Adagio heeft zowel een pastoraal als een problematisch karakter. Een gevoel van nostalgie overheerst in de finale, die in rondovorm gecomponeerd is. Het stuk wordt steeds gepassioneerder tot het slot, waarin we worden herinnerd aan het eerste en tweede deel. De muziek bouwt op tot een jubelend motief in b-majeur.
De 8 Russische volksliedjes bewijst, dat de componist Liadow kan spreken met een door en door Russisch stemgeluid. Zelden heeft een componist op zo’n gevoelige manier de muziek van zijn eigen volk weergegeven- en zo economisch ook. De tact, gecombineerd met vindingrijkheid, waarmee hij zijn achtergronden bedenkt is feilloos, het resultaat een innemend achttal stukken.
Ook de Tsjaikovski symfonie laat de stem van Rusland doorklinken, echter hier horen we nog veel van de oorspronkelijke West Europese voorbeelden. Het openingsdeel doet bv. denken aan Mendelssohn, een componist die Tsjaikovski zeer bewonderde om zijn talent de natuur weer te geven in zijn muziek. (de “Hebriden”, de “Schotse”en ”Italiaanse”symfonie.) Zijn eigen symfonie draagt de naam “Winterdromen”. Het eerste deel (“dagdromen op een winterreis”) verbeeldt dan ook het Russische landschap, terwijl het prachtige, sombere Adagio “onherbergzaam mistig land” puur schilderen met noten is. Maar de thema’s in beide delen en in de finale zijn wel typisch Russisch, gevormd als ze zijn uit de herhaling van een paar opvallende intervallen en frases. ( Het scherzo is dan weer des “Mendelssohns” met een heerlijk trio waar aan te horen is dat de jonge Tsjaikovski hier voeling krijgt met de wals). Kortom, hij is hier manieren aan het ontdekken om Russische ideeën te verwerken in een westerse vorm en hij zal dit in zijn verdere symfonische werk steeds perfecter gaan doen.
|
|