©   Oost—Nederlands

      Symfonieorkest

Text Box: Bestel
Text Box: Bestel

Homepage

Over ons

Dirigent/concertmeester

Concertagenda

Lid worden

Voor Koren

Bestuur

Contact

Orkestleden

Repertoire

Links

Concertagenda

Oost-Nederlands Symfonieorkest

 

 

Nino Rota met Sebastiaan Kemner (trombone)

Prijs: €  17,50 / jeugd € 10,00

       De Kandelaar

Stationsstraat 4; Holten

       2 februari 2013

 

Aanvang: 20:00 uur

Kaartverkoop: bij ONSO en aan kassa van de kerk

 

 

 

Nino Rota met Sebastiaan Kemner (trombone)

Prijs: €  17,50 / jeugd € 10,00

        Grote Kerk Enschede

Oude Markt; Enschede

        3 februari 2013

 

Aanvang: 15:00 uur

Kaartverkoop: Muziekkwartier

 

 

Omschrijving:

Programma:

J. Brahms            Variaties op een thema van Haydn, opus 56a

N. Rota                Concert voor trombone

J. Brahms            Symfonie nr. 4

 

Solist: Sebastiaan Kemner (trombone)

 

Dirigent:

Jeppe Moulijn

Johannes Brahms – Haydn-variaties (opus 56a, 1873)

Brahms componeerde dit werk, een thema, 8 variaties en een finale, gebaseerd op het “St. Antonius koraal”, het tweede deel van het 1e divertimento destijds toegeschreven aan Joseph Haydn. Sinds het begin van de 19e eeuw betwijfelt men echter of Haydn wel de componist is. Daarom wordt het stuk nu ook vaak de “St. Antonius Variaties” genoemd.

Het thema begint met een herhaalde passage van 10 maten die weer bestaat uit 2 intrigerende frasen van 5 maten elk. De 8 variaties volgen deze structuur bijna zonder uitzondering. Elke variatie heeft een duidelijk eigen karakter, waarbij verscheidene delen doen denken aan vormen en technieken uit vroegere periodes en waarbij sommige gedeeltes een in de Romantiek zelden vertoonde beheersing van de contrapunt-techniek laten zien.

De finale wordt gevormd door een groots thema en variaties op bas, 5 maten lang, afgeleid van het hoofdthema. De climax, een herhaling van het koraal, is van een zo grote transparantie dat de doorgaans sobere Brahms hier zelfs een triangel gebruikt.

 

Nino Rota - Concert voor trombone en orkest (1966)

Nino Rota (Milaan 1911) was een muzikaal wonderkind: al op 11-jarige leeftijd componeerde hij een oratorium en op zijn 14e een opera. Hij kreeg vooral wereldwijde erkenning als componist van filmmuziek, o.a. voor ‘The Godfather’ en voor de films van Federico Fellini, die uitsluitend zijn muziek gebruikte.

Het tromboneconcert, voor het eerst uitgevoerd in de grote zaal van het conservatorium te Milaan op 6 mei 1969, heeft de gebruikelijke drie delen en is gecomponeerd voor een relatief klein orkest: strijkers, zes houtblazers en twee hoorns.

Het stuk opent met een heel kort Allegro giusto, gedomineerd door het bondige thema van het solo-instrument. Het tweede deel, Lento ben ritmato, is het langst. Het begint in een onrustige, met spanning geladen sfeer, waaruit de trombone met steeds nadrukkelijker gezag tevoorschijn komt, totdat, in het middengedeelte, hij de leidende rol op zich neemt en de klank op indrukwekkende wijze in intensiteit toeneemt.

Het werk eindigt met een feestelijk Allegro moderato dat- bijna uniek in de 20e-eeuwse Europese muziek- simpelweg overloopt van louter levensvreugde.

 

Johannes Brahms – Vierde symfonie1

Brahms was er als componist de man niet naar om radicaal te breken met tradities. Met bewondering en respect voor grote voorgangers als Bach, Mozart en Beethoven bewees hij dat er met bestaande muzikale middelen en vormen nog een rijke muzikale ideeën- en gevoelswereld ontsloten kon worden.

Het meest monumentale bewijs daarvoor leverde Brahms misschien wel in de finale van zijn vierde (en laatste) symfonie uit 1885. Voor dit deel koos hij de barokke chaconne- of passacagliavorm: een reeks variaties boven een zich steeds herhalend thema in de baslijn. Het thema ontleende hij aan Bachs cantate BWV 150 ‘Nach Dir, Herr, verlanget mir’. Het thema van acht maten klinkt direct aan het begin van de finale en wordt zonder onderbreking of toonsoortverandering 31 keer herhaald in verschillende liggingen en in combinatie met steeds andere melodische variaties.

De wereldpremière van zijn Vierde Symfonie vertrouwde Brahms toe aan de Meininger Hofkapelle in Duitsland, waar zijn vriend Hans von Bülow chef-dirigent was. Von Bülow studeerde het werk met het orkest in en Brahms dirigeerde zelf de première. De symfonie is zo’n succes dat het orkest het stuk op zijn repertoire zet voor een tournee door Duitsland en Nederland. Brahms reist mee, ‘als overtollige dirigent of als publiek’ zoals hij zelf schrijft. En zo komt het dat Nederland eerder kennis maakt met deze symfonie dan Brahms’ eigen woonplaats Wenen. Tijdens de tournee van het Duitse orkest dirigeert de ‘overtollige dirigent’ op 11 november 1885 zijn nieuwste werk in Utrecht.

 

1 Bron: Nederlands Symfonieorkest ©